opvoeding wegloop methode

Opvoedkundigen waarschuwen voor veelgebruikte ‘wegloop-methode’… Oke, doei!

Ah daar zijn jullie weer, de opvoedkundigen! Dit keer met een waarschuwing voor de veelgebruikte ‘wegloop-methode’…

Met alle respect voor jullie goedbedoelde adviezen en zorgvuldige tips, wil ik toch even een tegengeluid laten horen. Ik ben die moeder die vol overtuiging “Oké, doei!” roept in de speeltuin, het zwembad, of waar dan ook. En weet je wat? Ik krijg er geen greintje spijt van.

De realiteit van het ouderschap

Opvoeden is geen exact vak en soms moet je gewoon improviseren. Het leven met kinderen is een aaneenschakeling van momenten waarin je nét dat kleine beetje extra nodig hebt om de dag door te komen. Dus als mijn kind besluit dat het park nog niet verlaten mag worden, terwijl ik al half in de stress zit omdat er nog een ander kind ergens opgehaald moet worden, ja, dan roep ik “Oké, doei!” en loop ik weg. En guess what? Mijn kinderen rennen achter me aan alsof ze in een marathon zitten.

Tijdsbesef

Opvoedkundige Tovah Klein zegt dat peuters geen tijdsbesef hebben. Nou, ik denk dat mijn peuter een natuurkundig wonder is, want zodra ik begin te lopen, heeft hij ineens een razendsnelle klok in zijn hoofd die tikt dat mama écht wegloopt. En daar reageert hij meteen op.

Onvoorwaardelijke liefde

Opvoedkundigen beweren dat deze wegloop-methode schadelijk is voor het vertrouwen en de onvoorwaardelijke liefde tussen ouder en kind. Maar mijn kinderen weten dondersgoed dat ik ze nooit echt achterlaat. Ze weten ook dat mama soms een beetje drama creëert om hen uit de speeltuin te krijgen. En als ik ze in de auto heb gekregen, lachen we erom. Die kleine theatrale momenten maken onze band alleen maar sterker.

Opvoedkundigen Margolin en Gallant stellen dat je kalm moet blijven en redelijke grenzen moet trekken. Kijk, ik ben het ermee eens dat je grenzen moet stellen, maar laten we het ook een beetje luchtig houden. Soms is humor en soms is een beetje dreigen de beste manier om een peuter in beweging te krijgen. “Wil je lopen of gedragen worden?” Ja, dat werkt soms. Maar soms werkt een goed geplaatste “dikke, doei!” gewoon het beste. En ja, als ze boos worden omdat ze weg moeten, dan is dat maar zo. Boze peuters horen er gewoon bij.

Het spijt me zeggen?

En mocht ik ooit eens écht te ver gaan met mijn dramatische afscheid, dan zeg ik gewoon: “Sorry schat, mama was een beetje te enthousiast met het doen alsof ze wegging. Natuurlijk laat ik je nooit alleen.” En dan knuffelen we, en alles is weer goed.

Dus, beste opvoedkundigen, ik waardeer jullie zorgen en tips, maar ik ben er van overtuigd dat mijn opvoed-methode ook zo zijn charme heeft. We overleven het allemaal wel en uiteindelijk groeit mijn kind op met een goed gevoel voor improvisatie.


Afbeelding: Shutterstock

Meer werken betekent voor Tessa minder toeslagen

Stel je voor dat je meer wilt werken, maar dat dit financieel nadelig voor je uitpakt. Voor Tessa, een alleenstaande moeder van twee jonge kinderen, is dit geen hypothetische situatie maar de dagelijkse realiteit. Na een pijnlijke scheiding probeert Tessa haar leven weer op de rails te krijgen, maar het toeslagenstelsel werpt een onverwachte hindernis op haar pad.

“Ik wil meer werken, maar elke extra euro die ik verdien, betekent minder toeslagen. Aan het eind van de maand houd ik dan juist minder over,” vertelt Tessa. Dit fenomeen staat bekend als de armoedeval, een vangnet dat onbedoeld een valkuil is geworden.

In ons land is hard werken een deugd, tenminste, dat wordt ons verteld. Toch confronteert Tessa’s situatie ons met de ironie van ons eigen systeem. Voor sommigen, zoals Tessa, betekent meer werken niet meer zelfstandigheid, maar juist een grotere afhankelijkheid van een systeem dat niet langer lijkt te werken zoals bedoeld.

Tessa werkt drie dagen per week. Ze zou haar werkweek graag uitbreiden, niet alleen voor extra inkomen maar ook om een voorbeeld te stellen voor haar kinderen. “Ik wil dat ze zien dat hard werken loont,” zegt ze. Maar de realiteit is anders. Tessa staat voor een keuze die geen echte keuze is: werk meer en verlies geld, of blijf steken waar je zit en behoud je toeslagen.

Het is een klem waar veel alleenstaande ouders in zitten. Natuurlijk, het systeem van toeslagen is ooit opgezet om mensen zoals Tessa te helpen. Maar als deze regelingen het onaantrekkelijk maken om meer te werken, moeten we ons afvragen of het systeem niet tegen zijn eigen doelstellingen ingaat.

“Ik probeer mijn kinderen te leren dat ze verantwoordelijkheid moeten nemen, dat ze hard moeten werken voor wat ze willen. Hoe leg ik uit dat hun moeder niet meer gaat werken omdat we dan financieel achteruitgaan?”

Volgens Tessa moeten we gaan werken aan een oplossing die ervoor zorgt dat hard werken daadwerkelijk loont, voor iedereen. “Want zeg nou zelf, waarom zou je meer werken als je er financieel op achteruitgaat?”


Uitgelichte afbeelding: Shutterstock

opvoeding

Kwestie: kinderen worden niet meer opgevoed…

De vraag die de tongen losmaakt op social media: worden kinderen vandaag de dag nog wel opgevoed? Of zijn we simpelweg getuige van een generatie waar de wildebras regeert en de ouders slechts toeschouwers zijn?

Kinderen worden niet meer opgevoed

Het is een zin die we vaak genoeg horen, vooral uit de monden van onze eigen (groot)ouders, maar ook genoeg leeftijdsgenoten die deze uitspraak doen. De oudere generaties kijken met nostalgie terug op hun eigen jeugd en de manier waarop zij hun kinderen opvoedden. Zij beweren dat kinderen van tegenwoordig luidruchtiger zijn, onbeleefder en dat ouders het allemaal maar laten gebeuren. Maar is dat echt zo? Zijn we getuige van een generatie van onopgevoede kinderen, of is dit slechts een verschil in perspectief, verloren in de vertaling van de ene generatie naar de andere?

Gemakkelijk te beweren

Het is gemakkelijk te beweren dat “kinderen tegenwoordig niet worden opgevoed”. In parken, supermarkten en restaurants zien we vaak genoeg kinderen die gillen, die huilen, of die hun ouders tegenspreken. Het is zichtbaar, hoorbaar, soms zelfs overweldigend. Maar was dit vroeger niet ook het geval? Waren kinderen vroeger werkelijk altijd gezien en niet gehoord, altijd beleefd en altijd gehoorzaam?

Kwestie van opvoeding

Misschien is het geen kwestie van opvoeding, maar meer van verandering in wat sociaal aanvaardbaar is. De opvoedingsnormen zijn geëvolueerd. Waar de vorige generaties waarde hechtten aan gehoorzaamheid en respect, zetten hedendaagse ouders meer in op zelfexpressie en het bevorderen van zelfvertrouwen. Dit betekent niet dat kinderen niet worden opgevoed; het betekent dat ze worden opgevoed om andere kwaliteiten te waarderen.

Daarbij zijn ouders nu meer dan ooit jongleurs; werk, sociale verplichtingen, de fitnessroutine die ze al drie jaar proberen te beginnen. Het is geen wonder dat ze soms hopen dat hun kinderen zichzelf even kunnen bezighouden. “Vroeger was alles beter,” zeggen ze dan, terwijl ze vergeten dat ‘vroeger’ ook geen wifi had. Stel je dat eens voor!

En soms betekent dat, ja, dat een kind in een supermarkt niet onmiddellijk tot de orde wordt geroepen. Maar dat momentopname is niet altijd een accurate reflectie van de algemene opvoeding die dat kind krijgt.

Wat ook vaak over het hoofd wordt gezien, is hoe veel toegankelijker ouderlijk advies en psychologische ondersteuning tegenwoordig zijn. Ouders hebben nu toegang tot een schat aan informatie over opvoedingstechnieken die respectvol en liefdevol zijn, die misschien niet beschikbaar waren voor de eerdere generatie.

De veteranen van de opvoedkunde

Aan de ene kant hebben we de veteranen van de opvoedkunde: over het algemeen is dat de oudere generatie. Zij die zweren bij het oude opvoeden “kinderen moeten gezien en niet gehoord worden”. Zij zien een kind dat meer zegt dan “ja” en “nee” en denken meteen: “Vroeger hadden we dat met één blik opgelost!” Hun bewijsmateriaal? Elke peuteruitbarsting in een supermarkt is voor hen een teken van de opvoedingsapocalyps.

De moderne ouders

Aan de andere kant staan de moderne ouders, gewapend met hun opvoedingsblogs en wetenschappelijke artikelen. Ze prediken zelfexpressie en emotionele intelligentie. Voor hen is een driftbui in de supermarkt niet het einde van de wereld, maar een leermoment. “Hij leert over zijn gevoelens,” zeggen ze, terwijl hun kind de beschuitrollen van de schappen grist. Voor deze ouders is de smartphone zowel een vriend als vijand, want ja, ook YouTube kan educatief zijn (maar goed, laten we eerlijk zijn, meestal is het gewoon een digitale babysitter).

Eigen uitdagingen en manieren

Elke generatie heeft zijn eigen uitdagingen en zijn eigen manieren. Wat door de ene generatie als ‘niet opgevoed’ wordt bestempeld, kan door een andere worden gezien als een progressieve benadering. Misschien is het niet zozeer een vraag van “Worden kinderen nog wel opgevoed?” maar meer van “Hoe zorgen we dat onze kinderen niet alleen overleven, maar ook wegwijs worden in deze moderne wereld?”

Misschien moeten we, in plaats van met de vinger te wijzen, proberen te begrijpen en te ondersteunen waar we kunnen. En ja, misschien moeten die kinderen van tegenwoordig eens een schop onder hun hol krijgen, wie zal het zeggen…


Afbeelding: Shutterstock

Hij is een vader, geen idioot

 

Regelmatig hoor ik uitspraken om mij heen als ‚mijn man past op’ of ‚het is papadag’. Mijn haren gaan altijd een beetje recht overeind staan als ik zulke dingen hoor, want ik denk dan bij mijzelf? ‚Huh? Als je samen bent, let je kerel dan niet op of zo? Of is hij de andere dagen, als het dus geen papadag is, geen papa? Wat is hij dan? De melkboer? Een vreemdeling die bij je op de bank hangt? Wat?’ En op het moment dat hij opstaat en iets met de kinderen gaat doen, krijgt hij dan een applaus?

Gendergelijkheid.

Als ik om mij heen kijk dan is de gendergelijkheid, zoals ze dat zo walgelijk noemen, nog ver te zoeken. We denken wel dat we allemaal zo gelijk zijn en gelijk behandeld worden, maar als we een jongetje in een prinsessenjurk of met nagellak zien rondlopen, dan puilen de ogen bijna uit ons hoofd.

Voor vrouwen

En voor vrouwen is er ook nog maar weinig gendergelijkheid te vinden en niet alleen op de werkvloer, maar ook in het sociale leven. Want als een vrouw kiest voor een carrière in plaats van bij de baby te zijn, dan ontbreken er toch wel wat moedergevoelens of niet dan? Maar gaat een man een dagje minder werken om papadag te kunnen vieren, dan is dat toch wel de meest betrokken en liefdevolle vader die er is. Beetje krom als je het mij vraagt. 

Maar goed, dan vraag je het ook aan iemand bij wie de rollen thuis echt volledig gelijkmatig zijn verdeeld. Mijn en man en ik zijn zeer gelukkig getrouwd en we hebben daarna vier kindjes gekregen. Dat is flink aanpakken, zeker wanneer je allebei een drukke baan naast het gezin hebt. Ons leven vergt wat planning en samenwerking en soms moet je handelen alsof je een alleenstaande ouder bent.

Gewoon papa

Zo zijn de ochtenduren voor mijn man. Hij maakt het ontbijt klaar, hij zet de lunchtrommels klaar, hij zorgt dat de kinderen er netjes en verzorgt bijlopen en hij brengt de kinderen naar school. Soms maakt hij het avondeten klaar en op zijn dagen brengt hij de kinderen naar hun clubjes. Niet als een ‚super papa’ of als in ‚papadag’, nee gewoon als een vader.

En natuurlijk waardeer ik het dat hij alles aanpakt, maar uitzonderlijk vind ik het niet. Ik bedoel, hij is een vader, geen idioot. Toch zijn sommige mensen geschokt als ik vertel over wat mijn man allemaal doet. „Vindt hij dat allemaal wel leuk dan om te doen?” Ik zal je vertellen, ik was niet alleen toen al die vier kinderen verwekt werden, zeker weten dat hij gewoon helpt en dat dat geen uitzondering is. Hij wil een gezin, ik wil een gezin. Hij wil een carrière, ik wil een carrière. Wij doen dat samen.

Oppas

Als ik ’s avonds een uurtje ga sporten, als ik voor mijn werk een middagje weg moet, als ik met mijn vriendinnen een filmpje wil pakken, dan regel ik een oppas of een opa of oma om op te passen. Of mijn man is thuis. Niet om op te passen, maar gewoon omdat hij een ouder is en ouders passen niet op, die zijn er gewoon.


Afbeelding Shutterstock
2016/2024

thuisblijfmoeder

Thuisblijfmoeders, het mooie ervan

Er wordt een hoop gezeurd en geklaagd over en door thuisblijfmoeders. Hoe zwaar het allemaal wel niet is om de hele dag voor de kleintjes te moeten zorgen en dat je er toch zelf voor kiest en niet zo zeuren moet. Jaja, we weten het wel. Maar vandaag, terwijl ik in het zonnetje met mijn koppie koffie de was aan het vouwen ben, vandaag vertel ik je over het mooie ervan. Het mooie van een thuisblijfmoeder zijn.

Want als je thuisblijfmoeder bent en als er een kleintje onverwachts ziek wordt, hoef je jezelf niet in allerlei bochten te wringen en erger nog aan iemand toestemming te vragen om je eigen zieke kleintje te kunnen verzorgen.

Je hoeft als thuisblijfmoeder niet voor een inkomen te zorgen. Dat betekent dus ook geen ingewikkelde en confronterende functioneringsgesprekken of leuren om salarisverhoging.

Als alle kleintjes op school zitten, zou je die tijd kunnen benutten om te gaan sporten. Mwoehahaha!

Als de zon schijnt, zoals vandaag, kan je de boel de boel laten en met je bakkie koffie zo lang pauze nemen als jezelf wilt. En ondertussen kan je kijken naar je kleintje die heerlijk aan het spelen is.

Je kan de hele, maar dan ook de hele dag in je joggingbroek blijven lopen.

Soms is het wandelingetje naar de brievenbus het uitje van de dag. Heb je meer uitdaging nodig? Dan ga je met de hond, je drie kleintjes en hun speeldates boodschapjes doen in de supermarkt.

Als het schoolvakantie is heb jij ook vakantie, althans, dat neem je jezelf voor. In de praktijk blijken de schoolvakanties hard, zeer hard werken te zijn. Maar het idee van 12 weken vakantie in het jaar, klinkt mooi toch?

Maar het allermooiste aan een thuisblijfmoeder zijn, is dat je altijd, 24/7, tot in den treuren aan toe, er bent voor je kleintjes. Dat is toch best een voorrecht. Helemaal als de zon ook nog schijnt.

Dat lieve mensen en nog veel meer, dat is het mooie van thuisblijfmoeder zijn.

Ps. En nee dit was geen aanval op de werkende moeder maar puur een gelukzalig momentje van een thuisblijfmoeder in de zon.


Afbeelding: Shutterstock
2015/2024

Beste buren

Beste buren

Beste buren,

De zomer komt er weer aan en dus zeggen we ‘hallo’, of eigenlijk schreeuwen we ‘hallo’, want dat is wat we doen: herrie maken.

Oké, ik zal dan ook meteen maar ‘sorry’ zeggen.

Sorry.

Ik zou een appeltaartje kunnen bakken en langs kunnen komen voor de koffie, maar ja… Je weet wel, druk, druk, druk. Kinderen hè.

Ja, ook de kinderen zijn druk, dat ben ik met je eens. Ik vind ook dat ze herrie maken, daarom zeg ik altijd: ‘herrie maken doe je maar buiten’. Scheelt toch weer een aantal decibel. En poeh! Wat kunnen die kleintjes van mij fanatiek spelen! Alsof hun leven ervan af hangt. Gelukkig is dat niet echt zo, dat zou wat zijn zeg! Maar inderdaad… ik geef het toe! Ze kunnen ook schreeuwen alsof hun leven ervan af hangt. Om over mijn geschreeuw nog maar te zwijgen.

Ik wil het toch zo aan de andere kant van de schutting even uitleggen.

We zijn geen massamoordenaars. Dat geschreeuw wat je doordeweeks rond 8.00 hoort, dat… Ja dat ben ik. Ik probeer mijn kleintjes duidelijk te maken dat ze dat ontbijt nu toch wel héél snel naar binnen moeten gaan werken. Of ik probeer het schoeisel bij ze aan te krijgen. Nee, dat valt niet mee hoor!

schoenen-aan-nu

En dat geblèr wat je tussen 17.30 uur en 18.00 uur hoort, dat zijn mijn kleintjes die iets gezonds toegediend krijgen. En nee joh, niet door een sonde, gewoon met een vork die ze nog zelf mogen vasthouden ook!

En dat avondeten van ons wordt niet vervolgd met een rituele maagden slachting voor Satans avondoffer. Nee, dat zijn mijn kleintjes die naar bed worden gebracht.

Nee, we zijn geen ontsnapte krankzinnigen. Als het mooi weer is buiten, dan zijn we blij. Dan juichen we, dan nodigen we vrienden uit om het mooie weer te vieren met een bbq of een wijntje. En wederom sorry… Onze vrienden hebben ook kinderen, sommige maken zelfs nog meer herrie! Stiekem vind ik dat wel fijn, want dan weet ik dat ik normaal ben. Of-zo-iets.

Nee, we houden ook geen rommelmarkt in de tuin. Die enorme puinhoop is van ons en eigenlijk is het de bedoeling dat we het netjes houden, we hebben alleen niet altijd de tijd om die zooi op te ruimen. Oh en die wezentjes die je rond ziet rennen, dat zijn geen schoorsteenvegers, dat zijn de kinderen. Je hoeft niet bang voor ze te zijn, ze bijten niet. Hoewel… En het zijn geen onverzorgde weeskindjes, het zijn kinderen die zichzelf hebben aangekleed en buiten zijn gaan spelen. Die vlecht? Oké, die is van gisteren.

En dan die stilte… Hoor je dat? Nee natuurlijk niet!

Ik heb mijn gezin niet ingeslikt, het is ongelofelijk maar waar: ze slapen! Het moment dat ik met de man op de bank plof en proost op wéér een dag. Stilzwijgend kijken we nog een aflevering van onze favoriete serie op Netflix en gaan vervolgens stilletjes naar boven. Maak je geen zorgen, niet voor luidruchtige wilde seks, we weten tenslotte allemaal wat daarvan komt…

Sorry beste buren. Wij zijn zo een gezin. Een gezin dat duidelijk leeft. Maar onthoud: dit gaat voorbij.

En dan zijn jullie aan de beurt.


Afbeelding kinderen: Shutterstock

moeder van een hooggevoelig kind

Moeder van een hooggevoelig kind

Als moeder van een hooggevoelig kind, leef ik in een wereld waarin de volumeknop van het leven op maximaal lijkt te staan. En nee, ik heb het niet over mijn tienerjaren toen ik daadwerkelijk geloofde dat mijn haar beter zat als ik het föhnde met hardrock op de achtergrond. Ik heb het over het dagelijks leven met een kind wiens zintuigen zo fijn afgesteld zijn, dat een etiketje in een shirt kan aanvoelen als een cactus en de zoemer van de oven als het startschot van de Apocalyps.

Alles moet precies goed zijn

Neem bijvoorbeeld het ochtendritueel. Terwijl de meeste kinderen hun boterhammen als brandstof voor de dag zien, benadert mijn hooggevoelige kind de ontbijttafel alsof het een mijnenveld is. De textuur van het brood, de kleur van de jam, zelfs de temperatuur van de thee, alles moet precies goed zijn. Zo niet, dan hebben we het einde van de wereld bereikt voordat de klok negen slaat.

Ik heb geleerd dat flexibiliteit en geduld sleutelwoorden zijn, en dat een ‘ontbijt-diploma’ een vereiste zou moeten zijn voor elke ouder in mijn situatie.

Te strak, te los, te kriebelig

Dan is er nog de kledingkwestie. Wie had gedacht dat het kiezen van sokken vergelijkbaar zou zijn met het ontmantelen van een bom? “Te strak, te los, te kriebelig,” luidt het oordeel vaak. Ik overweeg serieus om een kledinglijn te starten genaamd “onzichtbaar”, speciaal ontworpen voor degenen voor wie zelfs de gedachte aan kleding al overweldigend is. Tot die tijd blijf ik een meester in het vinden van de meest naadloze, zachte en allesbehalve irriterende kledingstukken.

Alles is intens

Laten we het ook even hebben over schooluitjes. Voor veel kinderen een avontuur, maar voor mijn hooggevoelige kind eerder een expeditie naar een onbekende planeet. Elk geluid is luider, elke geur intenser en elke nieuwe ervaring is óf mega opwindend óf volkomen angstaanjagend. Ik heb dan ook altijd een ‘noodpakket’ bij me. Snacks, koptelefoon, favoriete kleine speeltjes, je weet namelijke maar nooit wanneer je een zo’n vredesonderhandelaar nodig hebt.

Ik wens soms dat ik een handleiding had gekregen bij de geboorte (“Hooggevoelig Kind: De Gebruiksaanwijzing”), maar laat me duidelijk zijn, ondanks de uitdagingen, is het moeder zijn van een hooggevoelig kind ongelooflijk verrijkend. Haar vermogen om diepe empathie te tonen, haar ongeëvenaarde creativiteit en de intensiteit waarmee ze liefheeft en leeft, maken elke strijd de moeite waard. Haar wereld is rijk en complex en ze leert mij dagelijks de schoonheid van het leven in alle nuances te zien.


Uitgelichte afbeelding: Shutterstock

Een brief voor mijn keizersnede litteken

Waar zal ik beginnen? Jij, een bescheiden streepje op mijn buik, bent zoveel meer dan alleen een herinnering aan de dag dat mijn leven veranderde. Ja, jij bent het tastbare bewijs van de dag dat ik moeder werd, een rol die ik met zowel trots als een niet te onderschatten hoeveelheid slapeloosheid bekleed.

Soms kijk ik naar je en denk ik terug aan die overweldigende mix van angst, opwinding en pure adrenaline die door mijn aderen gierde toen ik naar de operatiekamer werd gereden. Ik herinner me hoe ik daar lag, trillend van zowel de kou als de zenuwen, terwijl de artsen en verpleegkundigen rondom mij scharrelden alsof ze een geheime dans uitvoerden die alleen zij kenden. En dan, midden in die chaos, het moment dat mijn wereld stil stond, de eerste kreet van mijn kind. Jij bent de stille getuige van dat onbeschrijflijke moment.

Zo klein, zoveel emoties

Het is grappig hoe iets zo klein en onopvallend als jij zoveel emoties kan oproepen. Soms voel ik een steek van pijn als ik je per ongeluk aanraak, een herinnering aan de pijn die ik voelde toen ik je voor het eerst zag. Maar die pijn vervaagt snel als ik denk aan het leventje dat je me hebt gegeven. Je bent mijn persoonlijke krijgsteken, een bewijs van mijn kracht.

En laten we eerlijk zijn, je bent ook het perfecte excuus om die bikinimodel-carrière uit te stellen voor… nou ja, voor altijd. Je geeft me een reden om te lachen wanneer ik de absurde schoonheidsstandaarden zie die ons worden opgelegd. “Waarom zou ik me druk maken over een sixpack als ik het ultieme bewijs van vrouwelijke kracht op mijn buik heb?” zeg ik dan tegen mezelf.

Ik wenste dat je er niet was

Ik moet toegeven, er waren momenten dat ik wenste dat je er niet was. Momenten waarop ik in de spiegel keek en me afvroeg of ik ooit weer zou kunnen kijken naar mijn lichaam zonder de herinnering aan de pijn en de angst die je met je meebracht. Maar die momenten zijn zeldzaam en vervagen snel, want zonder jou zou ik niet de moeder zijn die ik vandaag ben.

Je bent meer dan een litteken, je bent mijn herinnering aan het wonder van het leven. Dank je wel litteken, voor alles wat je vertegenwoordigt. Ik draag je met trots.

Liefs,

Een keizersnede moeder


Uitgelichte afbeelding: Shutterstock

column rommel moeder

Val niet op je kanis

Ik kijk om me heen en ik vraag het me serieus af… Waar komt al die zooi vandaan? Had ik niet een uur geleden de hele vloer leeggemaakt? Wat doet die hoop zand daar? En die papiertjes?

Ik kan wel janken. Echt. Ik wíl het wel schoon en netjes houden, maar het is gewoon niet haalbaar. Echt niet.

A4’tjes, speelgoed, stoeltjes, plakband, halve spelletjes, etensresten, noem maar op. Mijn huis is er het voorbeeld van dat opruimen met kleintjes in de buurt een onmogelijke taak is. Is het een keer opgeruimd, dan is dat voor een korte tijd. Een zéér korte tijd. Want zodra die kleine gremlins door mijn woning stormen, maken ze binnen no time een nog grotere bende dan voor ik begon met opruimen. O ja, en dat noemen ze dan spelen. 

Lees meer
kind vergeten

De (loeder)moeder die haar kind vergat!

Je vergeet toch niet je kind! Wat voor loedermoeder ben je dan!? Uh, tja totdat het jezelf overkomt….

Daar stond ik dan, op een doodgewone dinsdagochtend, sleutels in de ene hand, mijn tweejarige zoon zijn favoriete knuffel in de andere en een hoofd vol met dat wat moeders in hun hoofd hebben. De ochtend was, zoals gebruikelijk, begonnen met een serenade van mijn zoon. Het perfecte moment om de dag te beginnen was weer eens vóór zonsopgang. En wakker worden met een dat repertoire bestaat uit alles van ‘De wielen van de bus’ is op zijn zachts gezegd vermoeiend.

Na een ontbijt dat meer op een voedselgevecht leek (wie wist dat yoghurt zulke goede muurverf kon zijn?) en een aankleedsessie die meer weg had van een worstelpartij, waren we eindelijk klaar om te vertrekken. Ik had nog één taak voordat ik me naar het werk zou haasten, namelijk hem afzetten bij het kinderdagverblijf. Een routineklusje, dacht ik. Hoe moeilijk kon het zijn?

In de auto was het ongewoon rustig, alsof mijn zoon zich besefte dat het toch best vroeg was vanmorgen. Hoe dan ook, het was zo rustig dat het me een moment van ongekende productiviteit gaf om mentaal door mijn werkmails te gaan. Het was pas toen ik de auto parkeerde op de parkeerplaats bij mijn werk, een prestatie op zich met het ochtendverkeer, dat ik besefte dat ik een kritieke fout had gemaakt. Ik keek in de achteruitkijkspiegel en zag mijn zoon vredig slapend, nog steeds veilig vastgesnoerd in zijn autostoeltje.

Ik was compleet vergeten om hem bij het kinderdagverblijf af te zetten!!

Paniek vulde mijn hoofd terwijl ik mezelf uitlachte. “Typisch iets voor mij,” mompelde ik, terwijl ik de auto weer startte. Mijn peuter, nu half wakker, keek me verward aan, waarschijnlijk afvragend waarom we terugreden. “We zijn er bijna!” zei ik opgewekt, in een poging om niet in de stress te schieten.

Eind goed, al goed! De peuter is ‘gewoon’ op het kinderdagverblijf terecht gekomen en ik weet nu hoe het voelt om een loedermoeder te zijn. Dat etiket, dat ik ooit met een mengeling van ontzag en schrik van andere ouders hoorde, paste nu verrassend goed. En ja, misschien is het zijn van een loedermoeder niet zo slecht als het klinkt, je hebt in ieder geval wel wat te vertellen als je op je werk aankomt.


Afbeelding: Shutterstock