Tot het afval ons scheidt

afval scheiden

Er stond een afvalcoach op de stoep. Een meneer van de afvalscheiding welteverstaan, want ook al niet meer gezegend met maat 36, mijn BMI slaat nog steeds uit in vakje groen.

Afval scheiden het lijkt mijn hobby te zijn. De containers voor papier, plastic, gft en restafval domineren mijn achtertuin. Zakjes van thee gooi ik braaf bij het oud papier, etiketten week ik van plastic potjes en zelfs enveloppen ontdoe ik nog van het plastic venster. 

Maar ik had een overtreding begaan. Twee zelfs. De serieus kijkende meneer vond groot plastic afval in mijn container. En de  definitie van groot plastic hield in een zak groter dan a4 formaat. Dat had ik dus moeten vouwen. En die baby hangers van de Zweedse modeketen gemaakt van plastic viel onder de categorie hard plastic en dus niet te verwerken.

Er volgde een betoog over machines, boetes, gemeenten en dreigementen over betalen. Vervolgens ontving ik een geplastificeerde gebruiksaanwijzing over hoe mijn afval te scheiden. “En bij twijfel altijd restafval.” bromde de meneer die een beroep uitoefende waar ik alleen maar afschuw bij voelde: wroeten in andermans afval. “En vanaf volgend jaar gaat u daarvoor betalen, want we willen dat de mensen zo veel mogelijk gaan scheiden.”

Het is al bijna 22.00 uur als ik op een avond braaf mijn zak restafval richting de ondergrondse container sleep. Een busje met werklui van een naast gelegen gemeente waar al wel voor restafval betaald moet worden is druk met uitladen en dumpen. Over een paar jaar zijn alle natuurgebieden in Nederland zwaar bevuild met afval. Omdat onze betuttelende staat ons dwingt te betalen. Omdat er nog geen machines bestaan die alles kunnen sorteren. Omdat afval scheiden neigt naar hogere wiskunde (“heeft u een boterkuipje met folie haal dan het folie er af en gooi het beiden bij het plastic. Een pak zonder dop maakt u plat en pak met dop laat u heel.”). Omdat ik braaf sorteer en iemand anders alles dumpt bij het restafval. Omdat veel producten in de supermarkt nog steeds overbodig verpakt zijn. Omdat er geen les afval scheiden wordt gegeven op school. Omdat er in veel gemeenten geen aparte inzameling is voor luiers of incontinentie materiaal. Omdat het op drie hoog op een flat lastig is vier bakken afval plek te kunnen geven. Omdat je bijna niet je afval aan straat durft te zetten bang dat er iemand in je bak duikt op zoek naar overtredingen.

Op de koelkast hangt een wijzer die een doolhof visualiseert hoe om te gaan met afval. Mijn kinderen gunnen het geen blik waardig. Die proppen alles in een afvalbak op hun kamer hopende dat hun moeder die op tijd zal legen en anders is er altijd wel plek er naast op de grond. Of in de vensterbank. Bed. Die vuilnisbakken die ik iedere keer braaf sorteer. Voor hun leefklimaat. Het milieu. Maar nu weet ik niet meer waarvoor het is allemaal zo verdomd ingewikkeld.


 

Afbeelding: Shutterstock/Aleksandra Suzi