(Uitp)LUIZEN

luizen pluis

We zijn alweer een paar weken bezig in het nieuwe jaar..

Zo na de vakantie controleer ik altijd mijn dochters haar op luizen. Het is met regelmaat voorgekomen dat er luizen geconstateerd worden op school en zo ook al bij mijn eigen kinderen. Horendol word je ervan als ze ze eenmaal hebben.

Wij zijn een aantal jaar geleden verhuisd naar een andere stad, wat dus ook inhield dat mijn dochter naar een andere school zou gaan. Een uitstekende keus wat dat betreft en de ontwikkeling van mijn dochter is zienderogen vooruit gegaan nu ze op deze school zit.  Lees meer

‘Als het maar gezond is!?’ Het vervolg…

Vorige week schreef ik een blog over de uitspraak: ‘Als het maar gezond is!?’. Dit schreef ik natuurlijk niet zomaar. Ik worstel met met twee onmogelijke keuzes. Misschien is de keuze van buitenaf simpel gemaakt. Maar voor mij als moeder, die midden in dat vuur staat, is het een keuze die ik niet wil maken.

Ik zal wat duidelijker zijn.

Zoals sommige van jullie weten, heeft mijn oudste dochter last van epilepsie. Zij kreeg hiervoor medicijnen. Het lukte nog niet om de juiste medicijnen voor haar te vinden, bij epilepsie is daar niet één specifieke oplossing voor. Het is een zoektocht. Deze zoektocht duurt inmiddels al twee jaar. En voor mij voelt het nu alsof ik mijn dochter al voor twee jaar zoek ben. Soms is ze daar, maar meestal is het alsof ik haar niet ken. De medicijnen hebben invloed op haar karakter en naar mijn idee stompen ze haar ontzettend af.

Ik schreef hier al eerder over. Hier en hier.

Bijna twee weken geleden besloot mijn dochter om haar drankje (limonade gemixt met de medicijnen) niet meer te nemen. Ze vond het vies en ze kreeg het echt niet meer naar binnen. Wat we ook deden, en dat was over het algemeen niet leuk, we kregen het niet meer bij haar naar binnen.

Van binnen vroeg ik mij af wat meer schade opleverde? Deze helse strijd, twee keer per dag. Of deze helse strijd niet, maar wel de kans voor mijn dochter om zo nu en dan neer te vallen én meerdere absences per dag te hebben (die bovendien met medicijnen ook nog niet onder controle leken).

Ik gaf de strijd op.

Mijn dochter stopte met de medicijnen en bloeide binnen een week op naar een gezellig meisje. Ze werd opener, ze omarmt het leven meer, ze is scherper en ze kan bepaalde dingen veel beter accepteren. En, het belangrijkste (voor mij) ze is naar eigen zegge gelukkiger. En hoe gek het ook klinkt, wat is het fijn om mijn eigen dochter weer te herkennen.

Maar ze heeft ook al de consequenties van het niet slikken van haar medicijnen moeten ervaren. Zo heeft ze een verjaardagsfeestje van een vriendinnetje gemist door een epileptische aanval. Wat deed dat pijn in mijn hart, omdat ik wist hoeveel zin mijn meisje in dit feestje had. Maar door die stomme aandoening moest zij dit nu missen.

Ook wordt haar vrijheid beperkt. Ze mag bijvoorbeeld niet alleen zwemmen. Het verkeer is onveilig en ik kan haar niet de vrijheid geven die elke andere 7-jarige wel krijgt.

En hier sta ik dan. Met mijn dochter. Tussen twee hete vuren. Wel medicijnen of geen medicijnen. Geluk of gezondheid (lees: beter functioneren in de maatschappij)?

Gaat ze weer aan de medicijnen, dan verlies ik haar weer zoals ze nu is, zichzelf. Wordt haar koppie weer op slot gezet en kan ik voor mijn gevoel geen contact met haar, met wie ze is, krijgen. Geen medicijnen, dan wordt ze beperkt in haar ontwikkelingen doordat ze niet kan opgroeien als ieder ander ‘normaal’ meisje, maar ze is wel wie ze is; zichzelf.

Gezond gaat ze voorlopig niet worden. Ik wil dat ze gelukkig is. Mijn God, wat wil ik graag dat zij gelukkig is.

Als het maar gezond is? Als het maar gelukkig is!